Je bent thuis. Maar je bent er niet.

Je komt binnen.
Je legt je tas neer.
Je kijkt rond.

Je bent thuis.
Maar je bent er niet.

Je zit op de bank terwijl je hoofd nog in een overleg hangt.
Je hoort geluid, maar geen woorden.
Je ziet beweging, maar maakt geen contact.

Je kinderen doen hun best.
Ze vertellen iets.
Ze wachten.

Je partner kijkt.
Zegt niets.
De spanning vult de kamer zonder dat iemand het benoemt.

Dit is geen drukke dag.
Dit is geen slechte timing.
Dit is een leider die niet heeft geschakeld.

Je bent fysiek aanwezig.
Maar je staat nog in positie van sturen.
Corrigeren.
Overzien.

En thuis vraagt niemand daarom.

Hier verlies je positie.
Niet door wat je zegt.
Door wat je laat gebeuren.

Je werk draait.
Je huis ook.
Maar jij staat er tussenin.

Als dit blijft hangen, weet je genoeg.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *